Hoogbegaafde jongeren

 
 

Misschien weet je allang, dat je hoogbegaafd bent. Misschien is het nog nooit in je opgekomen. Maar, herken je dit verhaal?

Je was een blij, klein kind. Je keek er naar uit om naar de peuterspeelzaal, de kleuterschool, groep 3 te gaan. Je dacht dat je allemaal nieuwe dingen zou gaan leren. Er was je verteld, dat je ook moeilijke dingen ging doen op school. Je zou “knap” worden. Misschien wilde je graag leren lezen.

Het bleek allemaal tergend langzaam te gaan. Je werkte soms stiekem vooruit. Veel van de taken vond je zo simpel, dat je ze lekker oversloeg. Als juf erachter kwam, moest je ze inhalen. Toen je eindelijk aan de beurt was met jouw spreekbeurt, snapten de meeste kinderen het niet en toen juf het aan de klas probeerde uit te leggen, maakte ze fouten. De andere spreekbeurten waren verschrikkelijk saai.

In het rekenboek stonden fouten.

In het aardrijkskundeboek ook trouwens.

De kinderen in de klas praatten in de kring over hun nieuwe schoenen, hun oma’s verjaardag, voetballen, hun konijn dat dood ging. Toen jij vertelde over het planetarium, waar je geweest was met je vader, begon iedereen met elkaar te kletsen. Toen je op zwemles zei, dat er een makkelijkere manier was om te leren duiken, zei de instructeur, dat je eerst maar eens gewoon moest leren zwemmen. Je bedoelde duiken, niet zwemmen.

 

Je wilde graag naar de middelbare school. Eindelijk eens wat gaan doen. Tot je grote schrik haalde je daar onvoldoendes. De grootste sukkels van de klas haalden een 9 of een 10 voor de Franse woordjes, maar jij kreeg ze er niet in gestampt. Ook op de middelbare school is het saai, saaier, saaist. Toch krijg je het niet voor elkaar voldoendes te halen. Soms heb je ineens een goed cijfer. Je weet nooit precies wat de docent wil horen. Je hoort nogal eens dat je “het niet zo moeilijk moet maken.” Tja, hoe doe je dat? Je bent teleurgesteld en ook een beetje boos. Je twijfelt aan jezelf. Iedereen zegt dat je slim bent en veel beter kunt. Je doet heus wel je best, maar het lukt vaak gewoon niet. Toegegeven, af en toe doe je ook gewoon lekker niks. Laat ze het bekijken….  

Je vindt het best wel zorgelijk en je ouders ook. Iedereen zeurt, dat je beter je best moet doen. Eigenlijk zou je best …… Je zou graag een vriend/vriendin hebben met wie je kon praten. Niemand vindt je leuk en dat snap je eigenlijk wel. Hoe doen anderen dat?

 

Als het goed gaat…. is er natuurlijk niets aan de hand. Hoogbegaafdheid is geen ziekte, geen handicap. Soms moet je er wel mee leren leven. Ieder mens heeft begrip nodig, vriendschap, liefde. Hoogbegaafde mensen hebben doodgewoon minder keus. Het is een stuk makkelijker als je gemiddeld bent. Daar zijn er heel veel van. Een IQ van 130 of hoger, de definitie voor hoogbegaafdheid, komt voor bij ongeveer 2,5 % van de bevolking. Ben je toevallig het enige kind in de klas met een hoog IQ, dan kun je je heel alleen voelen. Maar ook in een klas met meer hoogbegaafde leerlingen is het nog maar de vraag of er een echte vriend/vriendin bij zit. Tussen hoogbegaafde mensen bestaan natuurlijk onderling net zoveel verschillen in karakter en interesses als bij mensen met een gemiddeld IQ. Weten dat je hoogbegaafd bent, helpt wel al enorm. Dan kun je op zoek naar soortgenoten.

Mensen die niet hoogbegaafd zijn, zijn dan vaak bang, dat je hen niet meer ziet zitten. Onzin, natuurlijk. Ze realiseren zich vaak niet, dat ze zelf ook een beste vriend of vriendin hebben en dat dat ook niet betekent, dat ze de rest van de wereld uitsluiten.

Kun je wel wat tips gebruiken bij het je handhaven in een wereld, waarin de meeste mensen anders zijn, ook dan kun je terecht bij Pienter, praktijk voor hoogbegaafdheid. Je kunt komen voor een of meerdere consulten, maar wil je gewoon een keertje mailen, dan ben je ook van harte welkom. Wil je in contact komen met andere hoogbegaafde jongeren, dan doe ik mijn best voor je.

Hoogbegaafde jongeren